De les begeleiden
1. Jouw uitdaging · 10 minuten
Een held, een probleem en een verrassende oplossing. Jij maakt het verhaal dat bij de beelden hoort.
Lees samen het doel: Een verhaal van vier pagina’s met een vaste karakterkaart.
Schrijf wat je al weet en wat je wilt uitzoeken.
Spreek met de begeleider af welke tools en welk budget beschikbaar zijn.
Check: Je kunt in één zin zeggen wat je gaat maken of onderzoeken.
Tip: Controleer toegang en budget vooraf. De proefles gebruikt geen live AI; label simulaties en voorbeelden eerlijk.
2. Teken je verhaalboog · 15 minuten
Een scène laat één belangrijk moment zien.
Teken vier vakjes: begin, probleem, poging en oplossing.
Schrijf in elk vak één eigen zin.
Check: Je bent klaar als: alle vier scènes zijn nodig om het verhaal te begrijpen.
Tip: Laat de leerling de keuze toelichten. Controlepunt: Alle vier scènes zijn nodig om het verhaal te begrijpen. Gebruik alleen fictieve gegevens en controleer twijfelachtige inhoud samen.
3. Maak een karakterkaart · 20 minuten
AI kan hetzelfde personage anders tekenen. Een vaste beschrijving helpt.
Kies drie vaste kenmerken, zoals een groene jas, ronde bril en rode tas.
Zet deze vooraan in iedere beeldopdracht.
Check: Je bent klaar als: je hebt drie kenmerken die op elke pagina gelijk moeten blijven.
Tip: Laat de leerling de keuze toelichten. Controlepunt: Je hebt drie kenmerken die op elke pagina gelijk moeten blijven. Gebruik alleen fictieve gegevens en controleer twijfelachtige inhoud samen.
4. Maak en vergelijk de pagina’s · 20 minuten
Een nieuw beeld is een nieuwe versie, geen exacte kopie.
Maak de eerste scène in Beeld.
Gebruik waar mogelijk hetzelfde referentiebeeld voor de volgende.
Leg de beelden naast elkaar en noteer verschillen.
Check: Je bent klaar als: controleer kleding, kleuren en het aantal personages.
Tip: Laat de leerling de keuze toelichten. Controlepunt: Controleer kleding, kleuren en het aantal personages. Gebruik alleen fictieve gegevens en controleer twijfelachtige inhoud samen.
5. Stel je boekje samen · 15 minuten
Een lezer moet de volgorde zonder jouw uitleg begrijpen.
Zet de gekozen beelden in vier dia’s of op vier papieren pagina’s.
Voeg jouw zinnen toe.
Laat een klasgenoot het verhaal navertellen.
Check: Je bent klaar als: bewaar het boekje als pdf via het presentatieprogramma of druk het af.
Tip: Laat de leerling de keuze toelichten. Controlepunt: Bewaar het boekje als pdf via het presentatieprogramma of druk het af. Gebruik alleen fictieve gegevens en controleer twijfelachtige inhoud samen.
6. Laat zien, kijk terug en bewaar · 10 minuten
Jouw eindproduct: Een verhaal van vier pagina’s met een vaste karakterkaart.
Laat een klasgenoot jouw resultaat bekijken. Vraag één concrete tip.
Schrijf wat jij bedacht, wat AI hielp doen en wat je hebt gecontroleerd.
Controleer je stappen, doe de vijf quizvragen en open Mijn lesportfolio.
Download het lesbestand en portfolio. Media bewaar je apart in de maaktool.
Check: Je hebt een bewaard resultaat en kunt één eigen keuze uitleggen.
Tip: Reserveer de laatste minuten voor daadwerkelijk downloaden en openen van het bestand. Laat geen leerling aannemen dat een preview al een export is.
Leerlingwerkblad
Mijn avatar of kleur: ____________________
1. Jouw uitdaging
Je kunt in één zin zeggen wat je gaat maken of onderzoeken.
2. Teken je verhaalboog
Je bent klaar als: alle vier scènes zijn nodig om het verhaal te begrijpen.
3. Maak een karakterkaart
Je bent klaar als: je hebt drie kenmerken die op elke pagina gelijk moeten blijven.
4. Maak en vergelijk de pagina’s
Je bent klaar als: controleer kleding, kleuren en het aantal personages.
5. Stel je boekje samen
Je bent klaar als: bewaar het boekje als pdf via het presentatieprogramma of druk het af.
6. Laat zien, kijk terug en bewaar
Je hebt een bewaard resultaat en kunt één eigen keuze uitleggen.
Differentiatie
Starter: Werk met één voorbeeld en je begeleider aan: een verhaal in vier scènes plannen.
Door: Vergelijk twee versies en oefen: een personage herkenbaar houden.
Uitdaging: Ontwerp een eigen variant en laat een ander testen of je uitleg klopt: tekst en beeld op elkaar laten aansluiten.
Zonder internet of AI
Voer de vier kernopdrachten met papier, tekeningen en de vooraf gekozen voorbeeld- of bronkaarten uit. Waar AI een voorstel zou doen, schrijft een klasgenoot een voorstel volgens jouw prompt. Label dit als rollenspel. Bewaar opdracht, voorstel, controle en verbetering naast elkaar. Eindproduct: Een verhaal van vier pagina’s met een vaste karakterkaart.
Bespreekvragen
- Hoe houd je je held herkenbaar?
- Welke keuze veranderde jouw resultaat?
- Wat kun je nog niet met zekerheid zeggen?
Veelvoorkomende valkuilen
- Een voorbeeld of simulatie als echte live AI-uitvoer presenteren.
- Tegelijk veel instellingen veranderen en daardoor niet weten wat effect had.
- Alleen de preview bekijken en vergeten werk te bewaren.
Antwoorden bij de quiz
1. Ik herhaal vaste kenmerken en vergelijk de beelden. — Ik herhaal vaste kenmerken en vergelijk de beelden.
2. Een verhaal van vier pagina’s met een vaste karakterkaart. — Bewaar je keuzes en leg uit hoe het resultaat tot stand kwam.
3. Je adres of wachtwoord — Gebruik fantasie en lesmateriaal. Privégegevens horen niet in je opdracht.
4. Ik controleer prijs en budget met de begeleider — De modelkeuze en instellingen bepalen de kosten. Start alleen binnen de afspraken.
5. Wat ik koos, wat AI deed en wat ik controleerde — Jouw keuzes en controle zijn onderdeel van het leren.
Informatie voor ouders
In deze les werkt uw kind aan “Stripboek of prentenboek maken”. Het maakt keuzes, onderzoekt voorbeelden en controleert resultaten. AI is een hulpmiddel, geen bron die altijd gelijk heeft. De les heeft ook overleg en een activiteit zonder scherm. Vraag wat uw kind zelf bedacht en wat het heeft gecontroleerd. Werk wordt niet automatisch openbaar gedeeld.
Wat onthouden we?
- een verhaal in vier scènes plannen.
- AI kan afwijken: controleer het resultaat.
- Jij kiest wat je bewaart en kunt je keuze uitleggen.
Aanknopingspunten bij digitaal creëren, kritisch onderzoeken en verantwoord AI-gebruik. Geen SLO-keurmerk of bewezen leerwinst.